Alessi & Sofia #2 - Vrijheid

‘Het Existentialisme? Alsof iemand nog liefde voor de wijsheid heeft. Laat staan daar een afgeleide van. Filosofie is een moeder die door haar kinderen verlaten is en hun normen probeert over te nemen in de vruchteloze hoop op hun erkenning. De fysica heeft de metafysica verdreven en maakt daarmee de filosofie overbodig. Het lijkt wel of er een intolerantie heerst voor kritisch nadenken. En hou eens op met ’t romantiseren van Sartre. “Gott ist tot,” nee, wacht, dat was Nietzsche.’


‘Je bent tipsy Tootsie. Gott is niet dood. Hij is vervangen door de wetenschap. Laten we dansen voordat de manie omslaat. Daarna een goed gesprek. Het spel der goede vragen.’


Alessi grijpt haar bij haar taille en slingert haar in ’t rond.

‘Alessi …? Op ‘t Kerkhof?’

‘Maestro! Yunta de oro, por favor! Muziek!’

‘Een tango?’

Sofia sluit haar ogen en laat zich meevoeren. Tegenstribbelen heeft geen zin.


‘Dos bailarines locos,’ lacht Alessi buiten adem.

Sofia valt achterover in het gras. ‘Ik kan niet meer.’

‘Ik voel me zo rozig Alessi. Zo in het nu. We hebben gedanst op ‘n kerkhof. Zo in het nu, zo in het nu, zo in het nu… Ik wil dit en alleen maar dit. Hier en nu. Voor altijd. Rozig. Liefde. Voor alles wat er ís. Alle misère voor even vergeten.’

‘De mens is alleen datgene wat hij van zichzelf maakt Sofia.’

‘Ja, en de hel, dat zijn de anderen. Waarom?’

‘De hel. Dat zijn de anderen. En hun meningen. Jij kunt altijd dansen. Waar je ook maar wilt. Altijd. Overal.’

‘Laten we proosten.’

‘Proosten op Sartre!’

‘Proosten op Nietzsche.’

‘Op de vrijheid!’

‘Op iedereen die zijn eigen weg gaat!’

‘Op dansen waar je maar wilt.’


Alessi gaat met z’n rug tegen een boom in de schaduw zitten. ‘Ik heb zo’n trek in een sigaret.’

‘Jij? Ik heb jou nog nooit zien roken.’

‘Niemand heeft me ooit zien roken.’

‘En als je aan Sartre denkt moet je roken?’

‘Feit dat ik ’t wil, betekent niet dat ’t moet. Zou er zo een kunnen roken. En dan weer ’n jaar niet. M’n vader rookte jarenlang ‘n halve sigaret, op de rand van ’t bed, voordat hij ging slapen. Ineens was ’t over.’

‘Maatschappelijke betutteling? Wat gebeurde er met de heroïsche Caballero reclames?’

‘Wie zal het zeggen? Ik rook overigens al heel lang niet meer. En nu ik het benoem, is het gevoel alweer weg. Enfin. Het gaat overigens niet om Sartre. ’t Gaat om het existentialisme.’

‘Uhm. Waarvan je de betekenis aan de lezer ging uitleggen?’

‘Haha. Alsof iemand dit leest?’

‘Laten we doen alsof, mijn onhandige charmeur.’

Sofia haalt met een verleidelijke blik haar hand door haar lange haar. ‘Kom op jongen. Jij of de man met de pen hierboven? Laat me leven!'


Alessi grijnst. En speelt. De advocaat van de duivel.


‘Ja het irriteert me. Dat geef ik toe. Dat onbewust leven in het zelfbedrog van het dagelijkse bestaan. En niet alleen ik, de hele mensheid. De existentialist daarentegen bevrijdt zich van alle voorgegeven normen en vormt zijn leven door authentieke keuzes.’


Alessi schenkt de glazen bij en staart ongenoegzaam voor zich uit.


‘Doen wat er in me opkomt Sofia, waarom is dat zo lastig?’

Sofia luistert, zoals hij altijd naar haar luistert en zij altijd naar hem zal luisteren.


‘Weltschmerz. De fysieke realiteit kan nooit de verlangens van mijn geest bevredigen.’

‘Misschien moet je Gott weer nieuw leven inblazen?’

‘Gott en ik zijn één. Het is de kunst ‘m even opzij te schuiven en minstens één poging doen om zichzelf beter te leren kennen.’


‘Misschien moeten we niet meer praten en genieten van het moment. Authenticiteit is een keuze, de vrije wil, in de zin van elk individu. En daar heb jij niks over te zeggen.’


‘Niemand. Zelfs de man met de pen niet.’


'Proost!'


67 keer bekeken